Diversiteitsmonitor basisonderwijs: aantal leerlingen op gemengde scholen stabiel

20 april 2017

De gemeente Amsterdam heeft samen met de UvA de diversiteit in het basisonderwijs onderzocht. Op verschillende manieren is bekeken of scholen gemengd zijn en of verschillende leerlingen elkaar tegen kunnen komen op school. Het algemene beeld is dat het aantal leerlingen op gemengde scholen de afgelopen vijf jaar relatief stabiel is.

Opleidingsniveau ouders stijgt
In Amsterdam stijgt het opleidingsniveau van de ouders van de leerlingen in het basisonderwijs, dit gebeurt onder alle groepen ouders, maar de stijging is het sterkst onder ouders van leerlingen met een migratieachtergrond.

De belangrijkste ontwikkeling die te zien is, is dat het aantal leerlingen op scholen met weinig leerlingen met hoogopgeleide ouders afneemt en op scholen met veel leerlingen met hoogopgeleide ouders toeneemt. Het aantal kinderen dat naar een meer gemengde school gaat blijft relatief stabiel (zie ook onderstaande figuur).

Schoolkeuze vermindert diversiteit op basisscholen
Leerlingenpopulaties op scholen in de steden zijn vaak minder divers dan je op basis van de variëteit aan leerlingen in de schoolgaande leeftijd zou verwachten. Schoolpopulaties zijn in de eerste plaats een spiegel van de woonbuurt. Buurten hebben vaak een bepaalde sociale of etnische signatuur die ook terug te zien is in de schoolpopulatie. Hoe zouden scholen in Amsterdam eruit zien als alle leerlingen naar de dichtstbijzijnde school zouden gaan? In deze fictieve situatie zouden er meer gemengde scholen zijn (zowel naar migratieachtergrond als naar opleidingsniveau van de ouders). Het aantal kinderen dat naar meer gesegregeerde scholen gaat (met veel of juist weinig leerlingen met hoogopgeleide ouders) zou juist afnemen. Blijkbaar leidt het keuzegedrag van ouders tot minder diverse basisscholen in de stad.

Vergelijking G4
Dit jaar is in de diversiteitsmonitor basisonderwijs de mate van diversiteit in het Amsterdams primair onderwijs vergeleken met de situatie in de andere drie grote steden. In Amsterdam blijkt de segregatie minder sterk dan in Den Haag, maar sterker dan in Rotterdam en Utrecht.
De steden kennen een relatief hoge mate van etnische segregatie. Dit betekent echter niet dat er veel mono-culturele scholen bestaan. De meeste scholen kennen nog steeds een grote mate van diversiteit. Deze diversiteit bestaat echter vaak uit een mengeling van leerlingen met verschillende migratieachtergronden.

Download