Amsterdamse mbo-uitstromers hebben minder vaak werk dan mbo-uitstromers uit de rest van Nederland

26 november 2018

Jaarlijks volgen ruim 17 duizend Amsterdamse jongeren een opleiding op het middelbaar beroepsonderwijs. Daarmee is het mbo een belangrijke bepaler van toekomstige arbeidsmarktpositie voor veel jongeren.

Cohortonderzoek naar een specifiek deel van deze mbo’ers, namelijk diegenen die uit het onderwijs zijn gestroomd en in schooljaar 2008/’09 een diploma hebben behaald, laat zien dat Amsterdamse mbo-uitstromers minder vaak werk hebben op de langere termijn. Recentere cohorten van 2012/’13 en 2014/’15 bevestigen dit beeld voor de kortere termijn na uitstroom.

Onderstaande figuur laat zien dat veruit de meeste mbo-uitstromers uit schooljaar 2008/’09 zeven jaar na uitstroom een baan hebben. In de MRA is dit 89% en in de rest van Nederland 90%. Opmerkelijk is dat dit percentage onder Amsterdamse mbo-uitstromers lager ligt en over de tijd ook nog afneemt, terwijl de werkgelegenheid in Amsterdam en omstreken het meest toegenomen is. Dit onderzoek geeft een eerste zicht op de factoren die mogelijk de waargenomen verschillen kunnen verklaren.

Het is bijvoorbeeld duidelijk dat de Amsterdamse mbo-uitstromerspopulatie in een aantal opzichten verschilt van die van de rest van Nederland. Een groot deel van de Amsterdamse mbo-uitstromers heeft een niet-westerse migratieachtergrond. Juist deze groep heeft minder vaak werk. Dit is overigens niet alleen in Amsterdam het geval. Ook in de andere grote steden zien we een soortgelijk beeld. Daarnaast hebben Amsterdamse mbo-uitstromers ook vaker een lagere vooropleiding en laagopgeleide ouders. Ze behalen ook vaker een bol (Beroeps Opleidende Leerweg) diploma op niveau 2 en kiezen de minder/niet-technische opleidingsrichtingen waarvan de arbeidsperspectieven minder gunstig zijn.

Opleidingsrichtingen waarbij de Amsterdamse mbo-uitstromers vaak werk hebben, zijn opleidingen met een meer technisch profiel, zoals techniek- en procesindustrie, transport, scheepvaart en logistiek en ambacht, laboratorium- en gezondheidstechniek. Amsterdamse mbo-uitstromers uit de richting bouw en infra en de richting voedsel, natuur en leefomgeving zijn zelfs vaker aan het werk dan mbo- uitstromers uit deze richtingen in de rest van het land.

Vervolg

Vervolgonderzoek moet tot een completer beeld van de waargenomen verschillen leiden.

Download