Straatintimidatie in Amsterdam

18 april 2018

Onderzoek, Informatie en Statistiek (OIS) heeft in 2017 de ervaringen van Amsterdammers met (seksuele) straatintimidatie in de stad onderzocht. Het onderzoek is, op basis van de bevindingen in 2016 met behulp van de Veiligheidsmonitor Amsterdam-Amstelland (VMAA) uitgevoerd onder zowel vrouwelijke als mannelijke slachtoffers van straatintimidatie. Daarnaast is er een verdiepend onderzoek uitgevoerd naar de ervaringen van slachtoffers en wie de daders van straatintimidatie zijn. Van beide onderzoeken  worden de rapporten gepresenteerd.

Ruim de helft van de Amsterdamse vrouwen geconfronteerd met straatintimidatie
In de fact sheet ‘Straatintimidatie in Amsterdam’ is te lezen dat meer  dan de helft (53%) van de Amsterdamse vrouwen in 2017 in de VMAA aangaf dat ze in het afgelopen jaar te maken hadden gehad met een of meerdere vormen van straatintimidatie. Van de jonge vrouwen (15 t/m 34 jaar) is dat zelfs ruim driekwart (79%). Beide percentages liggen iets lager dan in 2016 (toen 59% en 83%). Kijken we naar de afzonderlijke vormen  van straatintimidatie , dan komen nafluiten (35%), naroepen met beledigende (31%) of seksuele (27%) opmerkingen en nasissen (27%) het vaakst voor.

Amsterdamse mannen krijgen vooral te maken met beledigende opmerkingen
In tegenstelling tot 2016 is in 2017 ook aan mannen gevraagd of zij zijn geconfronteerd met straatintimidatie. Dat aandeel ligt lager: 30% van de Amsterdamse mannen heeft een of meerdere vormen van straatintimidatie meegemaakt in het afgelopen jaar. Zij werden vooral nageroepen met beledigende opmerkingen. Andere gebeurtenissen maakten zij aanzienlijk minder vaak mee.

Straatintimidatie omvat een grote variëteit aan gebeurtenissen
Uit interviews met slachtoffers (mannen en vrouwen) blijkt dat straatintimidatie niet eenduidig is af te bakenen. De ervaringen lopen uiteen in concrete gebeurtenis (wat gebeurde er) en in context (waar en wanneer gebeurde het en wie was de dader). Het betreft onder meer  seksuele straatintimidatie, intimidatie in de eigen woonbuurt en intimidatie in het verkeer. Bovendien blijkt dat straatintimidatie slachtoffers niet alleen plotseling overkomt maar dat het ook plaatsvindt in interacties waarbij het slachtoffer de eerste is die contact maakt, bijvoorbeeld door iemand aan te spreken op zijn of haar gedrag. Gebeurtenissen zijn intimiderend als het direct is gericht op het slachtoffer en wanneer slachtoffers een situatie, vaak op basis van gevoel, inschatten als een fysieke dreiging. Elementen die dat teweeg brengen zijn bijvoorbeeld dat het slachtoffer alleen is, het avond is en rustig op straat of wanneer het slachtoffer het idee heeft niet weg te kunnen uit de situatie.

Enquête, literatuur en professionals wijzen vooral mannen aan als daders, ervaringen van slachtoffers zijn meer divers
Uit de VMAA, literatuurstudie en interviews met professionals blijkt dat met name mannen zich schuldig maken aan (seksuele) straatintimidatie, alleen en in groepen. Volgens de VMAA en professionals betreft het voornamelijk mannen tussen de 15 en 30 jaar. De dader is meestal een onbekende van het slachtoffer. Als sprake is van een intimiderende groep, is de samenstelling volgens professionals sterk afhankelijk van het stadsdeel. De beschrijvingen van daders door geïnterviewde slachtoffers zijn meer divers.

Download